MENU
Longread: No More Denial
23 mei 2016
2635 WOORDEN 7 MINUTEN

Will Toledo is 23 jaar en heeft onder de naam Car Seat Headrest veertien albums uitgebracht. De vijftiende volgde drie dagen geleden. Dat betekent niet dat de Amerikaan zijn carrière op vroege leeftijd begon: alle albums kwamen binnen vijf jaar tijd uit. Op Bandcamp nota bene. Inmiddels heeft Toledo getekend bij Matador Records en is hij een van de grote talenten van de muziekwereld. Will Toledo is de allesbehalve koele kikker die zich in een sprookje van de eenentwintigste eeuw ontpopt tot prins.

Will Toledo (geboortenaam Will Barnes) is niet voorbestemd voor seks, drugs en rock-‘n-roll. De jongeman komt uit het slapeige stadje Leesburg in de Amerikaanse staat Virginia. Hij studeert er in 2009 af van de middelbare school, maar net als veel van zijn klasgenoten volgt Toledo vooral de school van het leven. Hij ontpopt zich tot een Nervous Young Man (een van zijn albums uit 2013) die om dient leren te gaan met existentiële angsten en levensvragen. Niet zo schokkend, tot dusver.

Toledo vindt echter een uitlaatklep in de spaarzame muziek die in Leesburg aanwezig is. In eerste instantie sluit hij zich als trombonist aan bij de fanfare, later begint zijn voorkeur voor indie-rock zich te vertonen in zijn muziek. Als niemand kijkt, neemt Toledo zijn creatieve uitbarstingen op. Eerst doet hij dat in de auto van zijn ouders, met slechts de Car Seat Headrests als toeschouwers. Hij parkeert het wagentje op verschillende plekken om op de achterbank liedjes op te nemen op zijn laptop. Op Something Soon, dat oorspronkelijk deel uitmaakt van album My Back Is Killing Me Baby (2011), vat Toledo de urgentie samen: “I was referring to the present in past tense. It was the only way that I could survive it. I want to close my head in the car door. I want to sing this song like I’m dying.” De muziek van Car Seat Headrest wordt de manier voor Toledo om zijn emoties van complex naar concreet te veranderen.

Dat is een jaar later nog niet veranderd. Toledo neemt zijn muziek inmiddels vooral op in de verlaten slaapzalen van de Virginia Commonwealth University in Richmond, waar hij met steeds meer tegenzin Engels studeert. De eenzaamheid die hij er ervaart, blijkt een bevordering van zijn muzikale productiviteit.

Weer een jaar later verkast hij naar The College of William & Mary in Williamsburg, waar hij meer vrienden maakt en betrokken raakt bij het lokale radiostation. Toledo begint, geïnspireerd door een krantenartikel over de internethype rondom de New Yorkse band Cults, zijn muziek in albumvorm op een eigen Bandcamp-pagina (die hij tot op de dag van vandaag gebruikt) te publiceren. Hij vertelt zijn familie en vrienden over zijn releases en wacht rustig af. In eerste instantie valt het resultaat hem tegen: een muzikaal doolhof als Bandcamp blijkt niet de meest effectieve manier om een doorbraak te forceren. Al snel blijkt die conclusie echter bevrijdend: Toledo begint meer te experimenteren en durft bovendien alles wat hij maakt zonder pardon online te zetten.

Toledo is gecharmeerd van de opties die het internet hem en zijn muziek biedt. De albums zijn nooit ‘af’. In veel gevallen past de student nog lang nadat hij een album heeft uitgebracht de titel, de uitgavedatum én de tracks aan. De manier waarop Toledo in die periode het albumconcept benadert doet direct denken aan Kanye West’s The Life of Pablo. De vergelijking is Toledo zelf vanzelfsprekend niet ontgaan.

Uiteindelijk beginnen Toledo’s albums op het internet steeds meer aandacht op te eisen. Zeker na de release van Twin Fantasy in 2011 is er spake van een harde kern van Car Seat Headrest-fans. Toledo’s muziek groeit uit tot een collage die van begin tot eind zo’n twaalf uur in beslag neemt. De albums van Car Seat Headrest laten het creatieve proces van een opgroeiende jonge muzikant feilloos horen. Toledo stuurt de bezoekers van zijn pagina’s erop aan zijn eerste vier albums niet online te delen, maar doet verder geen moeite ze te verbergen. Die mentaliteit keert terug in een relatief recent drietal van Toledo’s tweets dat tegelijkertijd niets- en veelzeggend is.

Dat creatieve proces leidt in het geval van Car Seat Headrest tot muziek die zich tekent door een mengelmoes van underground en pop en een mix van ernst en humor. Zijn studie Engels blijkt Toledo tóch nog van pas te komen: zijn teksten zitten vol vernuftige verwijzingen naar bijvoorbeeld literatuur: van auteur en illustrator Aubrey Beardsley (Beach Life-in-Death), realist Raymond Carver (Something Soon) en The Yellow Wallpaper van Charlotte Perkins Gilman (High To Death) tot Ulysess en Dubliners-schrijver James Joyce (The Drum) en Frankenstein-auteur Mary Shelley (Nervous Young Inhumans).

Daarnaast strooit Toledo, zonder al te veel cynisme, gul met passages uit de Bijbel en andere religieuze schriften. Het komt geen moment pretentieus over, omdat Toledo iedere referentie op een natuurlijke wijze laat bijdragen aan zijn verhaal. Op Times To Die, dat voor het eerst te horen was op Monomania (2012), citeert hij Genesis, verschillende delen uit Het Boek van Job uit de Hebreeuwse Bijbel en verschillende concepten uit het hindoeïsme, zoals darśan en sannyasa.

Ook referenties aan de popcultuur zijn niet zeldzaam in de discografie van Car Seat Headrest. Met The Ending of Dramamine, dat bijna een kwartier duurt, verwijst hij op How To Leave Town (2014) naar het Modest Mouse-nummer Dramamine uit 1996. Op datzelfde album noemt hij op het aanzienlijk kortere Kimochi Wariu (When? When? When? When? When? When? When?) naar de autobiografie van The Beach Boys’ Brian Wilson: “I used to think there was an answer in the music of my youth, but I just read Brian Wilson’s biography and now I know the truth.”

Het is, net als Beatles-gitarist George Harrison, een van de grootheden die veel invloed heeft gehad op de stijl van Toledo. Op Beach Fagz van zijn vroege album 3 neemt Toledo overigens wel zonder pardon een loopje met The Beatles door A Day In The Life-couplet “woke up, fell out of bed, dragged a comb across my head” te veranderen in “woke up, had a boner, dragged a comb across my boner”. We zien het voor deze keer door de vingers. Een andere naam in dat rijtje is R.E.M.-frontman Michael Stipe, met wie Toledo bijvoorbeeld zijn mompelachtige zangstijl deelt. Op Strangers van My Back Is Killing Me Baby verklaart de leerling zijn fascinatie voor de meester: “When I was a kid I fell in love with Michael Stipe. I took his lyrics out of context and thought: he must be speaking to me.”

Toledo’s teksten spreken nu veel mensen op dezelfde manier aan, al biedt hij minder ruimte tot interpretatie. Hij positioneert zich juist lijnrecht tegenover het grootste deel van zijn collega’s door zijn teksten, bijvoorbeeld op zijn Tumblr en Bandcamp, toe te lichten met anekdotes, waarmee hij het vuur onder zijn fans slechts verder op doet laaien.

car_seat_headrest-chona_katsinger_2

Een van die fans loopt stage bij de New Yorkse platenmaatschappij Matador Records, dat op dit moment onder meer Kurt Vile, Pavement, Belle & Sebastian en Stephen Malkmus & The Jicks vertegenwoordigt en in het verleden bijvoorbeeld het met Car Seat Headrest vergelijkbare Guided By Voices onder zijn hoede had. De muziek van Car Seat Headrest komt labelbaas Chris Lombardi ter oren. Wat hij hoort, bevalt hem wel. Hij neemt het Matador-team mee naar een gig van Car Seat Headrest, dat inmiddels naar Kirkland, vlakbij Seattle, verhuisd is. Toledo heeft een vaste band om zich heen verzameld, die bestaat uit gitarist Ethan Ives, drummer Andrew Katz en bassist Seth Dalby. Hoewel de groep Car Seat Headrest-volgelingen daar een stuk kleiner is, maakt de show indruk: contracten en bijbehorende krabbeltjes volgen in september 2015. Op Times To Die bezingt Toledo de ontwikkeling: “Got to have faith in the one above me, got to believe that Lombardi loves me. It’s a deal!”

a2269688042_10Toledo’s eerste wapenfeit op Matador Records is Teens of Style, een compilatie van nieuwe opnames van zijn vroege materiaal die een maand na het begin van zijn contract al wordt uitgebracht. De nieuwe opnamemogelijkheden veranderen de instelling van Toledo (nog) niet. Hij produceert het album zelf. In het voorjaar van 2016 wordt bekend dat in mei het officiële debuutalbum van Car Seat Headrest op Matador zal verschijnen. Teens of Denial gaat de plaat heten, naar waarschijnlijkheid een referentie aan The Denial of Death, een werk uit 1973 waarin Ernest Becker voortborduurt op de ideeën van Søren Kierkegaard, Sigmund Freud en anderen.

De Amerikaanse antropoloog stelt in zijn boek dat ons leven niets meer is dan een verdedigingsmechanisme tegen ons besef van de dood. Becker zou een jaar na de uitgave van het boek, in maart 1974, overlijden. The Denial of Death wordt twee maanden na zijn dood bekroond met de prestigieuze Pulitzer Prize. Toledo plaatste een passage uit het werk op zijn eerdergenoemde Tumblr-pagina: “The child lives in a situation of utter dependence, when its needs are met, it must seem to him that he has magical, real omnipotence. If he experiences pain, hunger, or discomfort, all he has to do is scream and he is relieved and lulled by gentle, loving sounds. He is a magician and a telepath, who has only to mumble and to imagine and the world turns to his desires.” Vervolgens verbindt de muzikant zich direct aan de antropoloog: “I think that’s pretty much what I’m doing.”

Het is de vraag of een artiest met zoveel diepgang wel aansluit bij de moderne massamaatschappij van sterrendom en grote labels met grote invloed. Teens of Denial zal (een deel) van het antwoord moeten verschaffen. Will Toledo zou Will Toledo niet zijn als hij de ontwikkeling niet met een knipoog tegemoet zou zien. Op zijn – daar is ‘ie weer – Tumblr neemt de Amerikaan een loopje met de marketingafdeling van zijn label.

Op leadsingle Vincent is zijn toon echter een stuk serieuzer: “I find it harder to speak when someone is listening.” Ook veel eerder in zijn carrière verwijst Toledo al naar de last van aandacht op zijn tengere schouders. Op Cute Thing van Twin Fantasy zingt hij, terwijl hij onder meer verwijst naar Destroyer’s Dan Bejar en The Who’s John Entwistle: “He died in an explosion of mixed media and poorly written reviews, and some stammering drunk who tried to tell him how good his shit was.”

Het is niet verrassend dat Toledo, die albums normaal gesproken uit zijn mouw schudt, wat moeite heeft met het proces van Teens of Denial, het eerste échte album dat Car Seat Headrest op Matador uitbrengt op 20 mei. De jongvolwassene is niet tevreden met zijn eigen werk, hetgeen ervoor zorgt dat de albumcyclus een van de langste uit Toledo’s korte doch uitgebreide carrière geweest is. Net als eerdergenoemde Kanye West besluit Toledo om lang na de deadline een nieuwe versie van zijn album op te nemen.

Het is tekenend voor de artiest die in de periode van 2010 tot en met 2015 gemiddeld 2,33 albums per jaar uitbrengt en die op de dag van de release van Teens of Style (30 oktober 2015) al tweet:

Uiteindelijk heeft Toledo zichzelf hervonden, zo blijkt uit de eerste twee singles van Teens of Denial: het eerdergenoemde Vincent en het fraaie Drunk Drivers / Killer Whales. Op het gebied van thematiek doet de muzikant bijvoorbeeld nog altijd enigszins denken aan Kendrick Lamar (To Pimp A Butterfly was Toledo’s favoriete album van 2015) en Morrissey (op zijn Tumblr heeft Toledo zich meerde malen vol lof uitgelaten over de teksten van The Smiths). Vanzelfsprekend niet om de onderwerpen die zij bespreken, maar de manier waarop hij ze bespreekt. Op Teens of Denial, het eerste échte album dat Car Seat Headrest op Matador uitbrengt in mei, bespreekt Toledo in verhalen vol verwijzingen net zo makkelijk Grote Thema’s als verwaarloosbare voorvallen.

Zo bevat Vincent referenties aan zijn voormalige woonplaats Williamsburg, een koloniaal stadje uit de achttiende eeuw dat veel toeristen trekt: “For the past year I’ve been living in this town that gets a lot of tourists in the summer months. They come and stay for a couple of days, but hey, I’m living here every day.” Daarnaast verwijst Toledo naar een rechtszaak uit 1984 en gebruikt hij tekst die een van zijn vrienden droomde.

Drunk Drivers / Killer Whales knipoogt met zijn metaforen naar de beginperiode van Toledo’s project: “In the backseat of my heart, my love tells me I’m a mess. I couldn’t get the car to start, I left my keys somewhere in the mess.” De tekst leest alsof Toledo de controle over de stroomversnelling van zijn carrière enigszins verloren heeft, zoals de dronkenman de controle over het stuur van zijn auto: “It’s not a race at all, we’re just trying… I’m only trying to get home. Drunk drivers, drunk drivers…”

Ook zijn gewoonte om zijn muziek te doorspekken met verwijzingen naar andere muziek heeft hij niet afgeleerd. Met Just What I Needed/Not Just What I Needed maakt hij op zijn Matador-debuut zijn eigen versie van The Cars’ hit Just What I Needed uit 1978. De sample van het origineel die Toledo gebruikte werd overigens niet toegestaan door Cars-frontman Ric Ocasek. Alle LP’s moeten teruggeroepen en vernietigd worden, hetgeen de fysieke releasedatum van Teens of Denial verlaat. Op de nieuwe versie van het album staat een aangepast nummer met de naam Not What I Needed.

Goed, meer verwijzingen naar muziek: het voorlaatste nummer op het album, Connect the Dots, draagt als bijnaam The Saga of Frank Sinatra. Car Seat Headrest heeft inmiddels ook zo’n uitgebreide discografie dat Toledo zichzelf kan citeren. Een aanzienlijke sectie van de tekst van Vincent is gebaseerd op I Hate Living van album Starving While Living uit 2012. Een andere hergebruikte passage is afkomstig uit het eerdergenoemde Times To Die.

OLE-1091-Car-Seat-Headrest-Teens-Of-DenialAls al die puzzelstukjes zich bij elkaar voegen, ontpopt Teens of Denial zich tot een semi-conceptueel album waarop Toledo protagonist dan wel alter-ego Joe beschouwt. Ook de kennismaking tussen Will en Joe komt per toeval tot stand. Toledo vindt hem in een donker hoekje van het hem zo bekende internet als hij de term ‘Teens of Denial’ intikt op Google om te checken of niemand anders de frase al als albumtitel gebruikt heeft. Een van de eerste zoekresultaten is een artikel op encyclopedie About.com over probleemtieners in de – u raadt het al – ontkenningsfase. De titel van het nummer (Joe Gets Kicked Out of School for Using) Drugs With Friends (But Says This Isn’t a Problem) is een directe quote uit het artikel.

Zo’n incident is een van de weinige dingen die nog niet is voorgevallen in het jonge leven van Will Toledo, maar wat niet is, kan nog komen. Zeker is dat de komende tijd de meest opwindende periode uit de carrière van Car Seat Headrest gaat worden. Toledo kennende zal dat resulteren in muziek die minstens zo opwindend is. Zoals hij zingt op het eerdergenoemde Strangers: “Car seat’s nervous and the lights are bright.” Maar dat licht, dat is niet alleen afkomstig van de spotlights, maar ook van de sterren.

Teens of Denial is sinds 20 mei digitaal uit via Matador Records, de fysieke release volgt later. Car Seat Headrest staat op Down The Rabbit Hole 2016, dat plaatsvindt van 24 tot en met 26 juni. Eerst staat Car Seat Headrest echter nog op London Calling in Paradiso. Op 28 mei maakt hij onderdeel uit van een line-up met Ulrika Spacek, Cate Le Bon, Cullen Omori, Methyl Ethel en meer.

Tweet Share
Geschreven door
Dirk
Dirk

Dirk raakte op Best Kept Secret 2013 verslaafd. Niet aan geestverruimende middelen, maar aan alternatieve muziek! Houdt van boeken en foto's, maar alleen degenen waar hij zelf niet op staat....