MENU
Longread: Frank Ocean, verdwaald in de tijd, part 2: Blonde
3 september 2016
1132 WOORDEN 3 MINUTEN

Als de digitale wereld artiesten ergens alle vrijheid in heeft gegeven, zijn het album rollouts. Beyoncé bracht de wereld een ‘visual album’ met Lemonade, waarin ze een non-lineaire cinematisch verhaal, lineair structureerde in een album-tracklist. Ondertussen bestempelde Kanye West zijn nieuwe werk The Life Of Pablo als een work-in-progress dat ondertussen al meerdere revisies heeft gekregen. Frank Ocean heeft echter gedaan wat veel grote artiesten vaak dreigen, maar nooit doen: hij deed een 'Prince' en bracht twee albums back to back uit. De eerste, Endless, is een visueel album met veel ambient muziek, dienend als soundtrack voor de experimentele film van Ocean waarin hij een wenteltrap bouwt, in een fabriekshal. Gister brachten we je al onze analyse van dat kunstwerk, hier te lezen. Vandaag behandelen we het album Blonde dat gezien wordt als volwaardige follow-up voor zijn succes uit 2012, Channel Orange.

Zijn tweede album in enkele dagen, Blond(e), kwam uit in twee formats, met twee titels: digitaal (iTunes) als Blonde, en een fysieke versie getiteld Blond, als CD die in een art-magazine zat, met de naam Boys Don’t Cry, waarvan we in eerste instantie dachten dat het de albumnaam zou zijn. In enkele steden verschenen pop-up winkels ter viering van het magazine, en album.

Het roll-out proces van de 28-jarige Frank Ocean zegt iets over waar hij waarde aan hecht: begerenswaardige afdrukken, exclusieve versies. Als release-strategie is het geen gamechanger, maar het echoot wel een cultuurkritiek uit zijn muziek.

vz4gngpw82mmmikckpp0vhqzbjjqe82x7r1qsckthunlk0fdsg5drwvtpnyxghjv

b86cdd57ef588dafa0eebe3b99bda950.1000x648x1
Enkele outtakes uit het Boys Don't Cry-magazine.

De plaat Blonde duikt verder in het sluipende bewustzijn van vergankelijkheid, de sterfelijkheid die aan Endless gehecht zit. Echter, dan met de soort gefocuste songwriting en productie-waarden die de intense levels van fan-verwachtingen betamen. Deze release werd voorafgegaan door hoge verwachtingen, vanwege Channel Orange, dat alom lovend werd ontvangen als een van de klassieke en karakteriserende albums van deze tijd. Blonde voelt als een gepaste follow-up van dat debuutalbum uit 2012 (o.a. Pyramids, Lost) , dat volgde op de album-kwaliteit-mixtape uit 2011: Nostalgia, Ultra (oa. Novacane, Swim Good).

Het magazine dat het album begeleidt, bevat een essay met Ocean’s levenservaringen: paddo’s gebruiken, verhuizen naar London, clubben in Berlijn, luisteren naar ruwe mixes van zijn muziek in zijn oude auto. Dit alles klinkt jaloersmakend, maar toch legt hij uit dat zijn jongensjaren, boyhood, zijn favoriete tijd blijft.

“Surprising, to me, because the current phase is what I was asking the cosmos for when I was a kid,” he writes. “Maybe that part had its rough stretches too, but in my rearview mirror it's getting small enough to convince myself it was all good.”

Maar misschien is dat zijn favoriete tijd, omdat als kind de dood mijlenver weg leek. Blonde klinkt als een prachtig en uiterst gedetailleerd mozaïek van emoties en ervaringen van iemand die zich gerealiseerd heeft dat hij dood gaat. Gezien het recente overlijden van David Bowie en Prince, en de golf van massale schietpartijen en politiemoorden van zwarte bevolking in de VS, is het existentiële verlangen van Blonde actueler dan ooit.

Op opener Nikes, doet Ocean shoutouts naar enkele onvoorziene sterfgevallen: Pimp C, A$AP Yams en Trayvon Martin ("That nigga look just like me" zingt hij over die laatste), de eerste referentie aan vergankelijkheid, omgeven door herinneringen van jeugd, liefde en seks. “This is life, life immortality" concludeert hij te midden van het getjilp van vogels op de ballad (en een van de opvallendere tracks) Pink + White.

De track Skyline To begint met stukken conversatie die de vreugde van zomer verheerlijken, erna zijn aandacht verleggend naar het levend blijven, om vervolgens op te merken hoe de tijd vliegt; “summer’s not as long as it used to be”. De regels zijn niet per se diepgaand, maar naarmate Blonde vordert, wordt het duidelijk dat Ocean erop doelt om diep in het moment te blijven, hoe oneindig klein ook.

Als zodanig zijn Frank’s melodieën meer afgestemd op specifieke states of mind, dan op grootste popgebaren. Er zijn weinig echte liedjes die zich je oor in wurmen als absolute hit. De woorden zijn een constante werveling van observatie en geheugenflitsen, die hij brengt op verschillende manieren, van salvo’s van zelfverzekerde hiphopritmes, tot aan klassieke RnB. Manieren van communicatie zijn een constant thema. “We don’t talk much or nothin’” zingt hij op Nikes. “But when we talkin’ about something we have a good discussion.”

Andere stemmen drijven zijn mix binnen, waaronder de strenge moeder van een van Franks vrienden die ervoor waarschuwt dat marihuana mensen “sluggish, lazy, stupid and unconcerned” maakt, net voordat Ocean zingt over “dropping acid”. Op Facebook Story, legt de Franse producer SebastiAn uit hoe een beslissing om iemand niet op Facebook te accepteren een relatie beëindigde. De anekdote grijpt terug op de wisselwerking tussen online en offline op Endless. Blonde’s muzikale arrangementen, die gedomineerd zijn door toetsen en gitaar, schijnen zijn voorkeur te benadrukken. Hooguit een handvol nummers worden gedreven door beats en de meeste elektronische geluiden voelen subtiel en organisch aan.

Het is zeldzaam dat een element zijn stem volledig overneemt, maar er zijn momenten dat hij zelf uitfade. Andre 3000 (Outkast, werkte ook mee aan Channel Orange) duikt op om een adembenemend snelle rap te spitten op Solo (Reprise). Het down-tempo Close To You en zijn kloppende beat doen denken aan 90s rap, terwijl Pretty Sweet weer herinnert aan 70s progrock met een zwellende woede die uitbarst in een kinderkoor. De gerespecteerde gospelzangeres Kim Burrell komt ten tonele aan het einde van Godspeed, een nummer dat erop staat dat liefde zal “keep us still blinded of the eyes”, totdat de dood om de hoek komt kijken.

De cineast Jacques Rivette zei ooit dat elke film een documentaire is van diens eigen maakproces. Op Blonde en Endless brengt Frank Ocean een met sterren bezaaide cast samen van muzikale medewerkers, van Duitse electro-artiest Wolfgang Tillmans en Burrell tot aan Radioheads Jonny Greenwood en Beyoncé. Elk individu legt een ander filter over zijn vele ervaringen.

De conclusie van de trap die in Endless gebouwd werd en het Boys Don’t Cry magazine lijkt dat Frank Ocean een voorkeur voor het fysieke heeft, maar Ocean’s weemoed over het leven voelt op Blonde meer als een bredere culturele tendens om onze levens te projecteren in een endless stream van online foto’s. Samen met de drugs, de zonsondergangen, de vakanties, de landschappen, de beroemdheden– alles als een vlucht van de werkelijkheid, een afleiding van het onoverkomelijke.

Tweet Share
Geschreven door
Nout
Nout

Nout rondde zijn studie Artificial Intelligence af en verruilde Nijmegen voor Amsterdam, alwaar hij een master volgt. Hij reist graag en luistert al 10 jaar naar folk, rock&roll, hiphop, pop. Hij maakte een...