MENU
Interview: Saint Sister: “Jonge vrouwen worden vaak uitgesloten”
10 januari 2017
2000 WOORDEN 5 MINUTEN

In elkaar vonden harpiste Gemma Doherty en zangeres Morgan MacIntyre de creatieve partner waarnaar ze allebei verlangden, maar ook een soort nieuwe zus. Als Saint Sister speelde het Ierse tweetal het afgelopen jaar onder meer op South By Southwest en Glastonbury. Nu mag Nederland voor het eerst wegdromen bij de haast spirituele muziek van het duo, dat niet alleen beïnvloed is door moderne electro en sixtiespop, maar ook door traditionele Ierse folkmuziek. In aanloop naar hun shows op Eurosonic Noorderslag sprak Muzify Gemma en Morgan over hun verschillende muzikale achtergrond, het belang van vrouwelijkheid in hun werk en hun eerste EP Madrid.

Jullie muziek bevat niet alleen elementen van populaire en elektronische muziek, maar ook van traditionele Keltische folk. Hoe zijn jullie geïnteresseerd geraakt in die muziek?
Gemma: “Ik ben opgegroeid met Ierse muziek. Ik speel sinds mijn vijfde of zesde harp, dus ik heb in mijn jeugd veel traditionele folkmuziek gespeeld. Dat heb ik in me opgenomen denk ik. Het heeft op een heel natuurlijke manier zijn plaats gevonden in wat we doen.”

Zorgt die invloed van Ierse tradities ervoor dat de reactie die jullie krijgen in andere landen verschilt van die in Ierland?
Morgan: “Het is niet per se anders, maar we krijgen in Ierland een wat directere reactie, omdat we er vandaan komen en er het grootste deel van onze shows spelen. We kennen meer mensen en meer bands hier, dus dan maak je automatisch onderdeel uit van een gemeenschap. We hebben nu ook gespeeld in Duitsland en Groot-Brittannië en de reactie op zich is daar niet anders. Het is geweldig om voor mensen te spelen die je muziek normaal gesproken waarschijnlijk niet zouden kennen. We zijn dol op touren.”

Een andere belangrijke bron voor jullie inspiratie is pop uit de sixties. Hoe hebben jullie je in die muziek verdiept? Waren jullie ouders daar bijvoorbeeld belangrijk in?
Morgan: “Ja, absoluut. Dat is de muziek die mijn ouders me altijd lieten horen; The Everly Brothers, Simon and Garfunkel en ga zo maar door. Dat zijn de grootsten, denk ik. Iedereen heeft bepaalde ervaringen met die muziek, dus het is niet gek dat ze invloed op ons gehad hebben.”

Is er een verschil tussen de elementen die jullie beiden naar de band brengen?
Morgan: “De grens is niet zo duidelijk dat de een alle popinvloeden brengt en de ander alle folkelementen, maar we hebben absoluut verschillende muzikale achtergronden. Ik ben altijd erg geïnteresseerd geweest in singer-songwriters en houd enorm van verhalenvertellers zoals Joni Mitchell, Johnny Cash en Bob Dylan. Ik ben opgegroeid met zang als mijn instrument, terwijl Gemma klassiek geschoold is in harp en piano. Daardoor speelden we andere muziek toen we jong waren.”

Gemma: “We doen ook allebei andere dingen. Ik focus vaak meer op arrangement, productie en instrumentatie, terwijl Morgan zich dan meestal bezighoudt met tekst en melodie.”

Was het moeilijk om de verschillende elementen in jullie muziek samen te brengen tot een eigen stijl?
Gemma: “Niet echt. Alles ging – zoals ik al zei – heel organisch. We hebben gewoon gedaan wat goed voelde toen we hieraan begonnen. We zijn niet eens goed gaan zitten om uit te vogelen hoe we verschillende dingen bij elkaar konden brengen. We hoefden er niet hard voor te werken, dat is een goed teken.”

Jullie ontmoetten elkaar toen jullie het tegen elkaar opnamen in een Battle of the Bands. Bij wat voor muzikale projecten waren jullie daarvoor betrokken?
Morgan: “Ik werkte aan mijn eigen muziek als singer-songwriter, hoewel ik wel muzikanten had die met me samen speelden. Ik had vaak goede vrienden om me heen op het podium. Dat vond ik erg leuk, maar ik verlangde ontzettend naar creatief partnerschap. Ik speelde natuurlijk wel samen met vrienden, maar ik had niet die relatie waarin twee mensen zich samen volledig inzetten voor een project. Ik was echt op zoek naar een band, een duo om precies te zijn. Ik wilde de mogelijkheid hebben om andere muziek te maken dan ik op dat moment deed. Ik had ooit met Gemma in een koor gezongen, dus ik wist wie ze was. Ik heb contact met haar opgenomen en gevraagd of ze mee wilde doen. Waaraan, dat wisten we op dat moment allebei nog niet echt.”

Gemma: “Ik studeerde muziek – vooral klassieke muziek en theorie – aan de universiteit op dat moment. Ik had me gespecialiseerd in compositie, dus ik schreef veel voor mezelf en voor anderen. Ik wilde ook maar wat graag met iemand samenwerken, mede omdat ik het soms moeilijk vond om uit mijn eigen wereldje te komen. Het was goed voor me om me in zo’n intensieve samenwerking te storten en me te richten op één ding.”

Hebben jullie er bewust voor gekozen om jullie vrouwelijkheid door te trekken in de bandnaam?
Gemma: “We houden erg van het idee van partner- en zusterschap. We hebben allebei een zus die heel belangrijk voor ons is, op dat gebied komen onze families overeen. Zussen hebben een heel sterke band.”

Morgan: “We waren niet bewust op zoek naar iets, de naam kwam voorbij toen we aan het brainstormen waren. We hebben een paar verschillende versies gehad, tot Gemma de laatste versie bedacht. Toen realiseerden we ons pas dat hij inderdaad licht schijnt op onze spiritualiteit en op de kracht van een vrouwelijke relatie. Dat is iets dat we graag promoten, al was dat niet per se de bedoeling. De naam sloet gewoon goed aan bij ons gevoel.”

Geen van jullie twee is ooit in Madrid geweest en toch vernoemden jullie jullie eerste EP naar die stad. Waarom leek die titel jullie zo geschikt?
Morgan: De titel is afkomstig van een van de nummers op de EP, die we schreven over een vriend die naar Madrid verhuisde. We zijn daar allebei nog nooit geweest, dus het nummer ging vooral over hoe het gras groener lijkt aan de overkant en hoe je altijd wil hebben wat je niet krijgen kunt. In mijn gedachten werd Madrid een soort onbereikbare plaats waar ik niet snel zou belanden. Ik weet van foto’s dat het een prachtige stad is, dus het werd een soort droomachtige visie van een stad waar je wilt zijn, maar waar je nooit zult komen. Het is nu bijna zo dat ik niet meer wil gaan, omdat het die fantasie zou beëindigen.”

Jullie hebben tot nu toe twee video’s uitgebracht…
In koor: “Drie! We hebben vandaag een nieuwe online gezet!”

Morgan: “Die is heel anders dan onze vorige twee, opgenomen in een studio. We vinden onze vorige videoclips te gek, maar het was erg verfrissend om iets anders te doen. Hopelijk laat het een andere kant van ons zien.”

Dan is dit dus niet meer waar, maar tot nu toe speelden al jullie video’s zich af in grootse landschappen. Hoe belangrijk is de natuur voor jullie en jullie muziek?
Morgan: “Ik weet niet of die video’s zozeer van toepassing zijn op natuur inhet algemeen, maar ze zijn gefilmd in gebieden rond Donegal en Derry, vlakbij waar ik opgegroeid ben.”

Gemma: “Ik ben daar ook opgegroeid. We vinden het er geweldig. Het is prachtig en nog in onze voortuin ook. De gebieden leken goed aan te sluiten bij wat we in gedachten hadden voor onze video’s. Het landschap zorgt ook voor een bepaalde rode lijn die door de twee video’s heen loopt.”

Die relatie is niet alleen terug te zien in de locatie. In beide video’s is de hoofdrol weggelegd voor jonge meisjes en zijn opvallende shots van een appel te zien.
Morgan: “Die jonge meisjes is iets waar we eigenlijk vanzelfsprekend onze focus op legden. Vooral in het geval van de video voor Blood Moon wilden we graag iets maken wat jonge vrouwen aan zou spreken. Zij zijn vaak uitgesloten van de mainstream media. Veel films en videoclips zijn niet voor hen bedoeld. Vrouwen worden erin weggezet als seksueel object. Je ziet gewoon niet veel dingen in de media voor jonge meisjes waarin het beeld van vrouwen niet geseksualiseerd of op een andere manier vervormd is. Daar wilden we verandering in brengen.”

Gemma: “We wilden het zusterschap waar we het eerder over hadden laten zien in de Blood Moon-video. Als je jonger bent kan zo’n vriendin je heel erg beïnvloeden in de manier waarop je opgroeit. Beide video’s zijn ook rond dezelfde tijd bedacht en hebben absoluut overeenkomsten. Ze komen uit dezelfde muzikale collectie, dus het is mooi dat er wat continuïteit is.”

Morgan: “Het leek ons logisch om in de video voor Madrid weer een jong meisje te hebben. We wilden onze eigen verhalen vertellen en hebben nauw samengewerkt met de regisseurs, die allebei enorm openstonden voor onconventionele ideeën die misschien niet het allerbest verkopen. Het is logisch dat er vrouwen voorkomen in onze videoclips, omdat we zelf vrouwen zijn, al is onze volgende video heel anders.”

Jullie spelen nu veel op showcasefestivals, waaronder South By  Southwest in Texas en Eurosonic Noorderslag hier in Nederland. Hoe is het om op zulke evenementen te spelen, voor een publiek vol professionals die nog overtuigd moeten worden?
Gemma: “Je moet proberen zulke shows hetzelfde te benaderen als elke andere show. Als je te veel nadenkt, kom je niet goed over. We willen zo goed mogelijk spelen, waar we ook zijn. Het is geweldig om de kans te krijgen om te touren en naar het buitenland te gaan. De showcasefestivals zijn geweldig. Je ontmoet er veel nieuwe mensen en veel andere bands.”

Heeft de harp tot nu toe problemen opgeleverd? Zowel in figuurlijke als in letterlijke zin is het nogal een breekbaar instrument.
Gemma: “We waren in het begin wat bang om te touren, maar tot nu toe gaat alles goed. Ik weet zeker dat hij wat schade heeft opgelopen, maar hij houdt zich sterk. We hebben veel geluk gehad met respectvol publiek, dat helpt enorm omdat onze muziek best stil is. Toen we naar South By Southwest gingen in maart moesten we van Dublin naar Londen vliegen en daar overstappen op een vlucht naar Texas. De harp werd achtergelaten op een van de vliegvelden. Dat was nogal een ramp, maar gelukkig kregen we hem de volgende dag terug en hebben we er geen shows door gemist. Dat is tot nu toe het enige incident geweest, fingers crossed.”

Jullie zijn twee jaar samen als band en hebben al op festivals als South By Southwest en Glastonbury gespeeld. Voelt het niet alsof het soms wat té snel gaat?
Morgan: “We zijn nog ver verwijderd van iets substantieels. Natuurlijk werken we elke dag hard, proberen we onszelf bij te benen en zijn sommige dingen overweldigend, maar we weten dat we nog een lange weg te gaan hebben. Om eerlijk te zijn zien we alleen de kronkelweg omhoog, maar we zijn bereid hem te nemen.”

Op Eurosonic Noorderslag staan liefst 12 andere Ierse acts. Voelen jullie je onderdeel van een bepaalde gemeenschap of zijn alle muzikanten wat meer afgezonderd van elkaar?
Gemma: “Er is een heel fijne gemeenschap van Ierse muzikanten hier. De groep is heel divers, dus er gebeurt altijd wat. Andere bands ontmoeten en met hen spelen op festivals voelt als een manier om elkaar te helpen en bij de hand te nemen. Goede vrienden van ons, Wyvern Lingo, staan ook op Eurosonic. Zij zijn heel goed.”

Morgan: “We hebben het geluk gehad dat we in het verleden het voorprogramma van hen mochten zijn en we hebben zelf geweldige Ierse acts, zoals Rosie Carney en Ciaran Lavery, als voorprogramma gehad. Zelfs bands als Girl band en Russangano Family, die heel verschillend zijn, spelen in de lente samen een show. We gaan allemaal naar elkaars gigs en trekken met elkaar op op festivals. Alle bands waarderen elkaar enorm.”

Saint Sister speelt op Eurosonic Noorderslag op woensdag 11 januari in Grand Theatre van 22:15 tot 22:55 en op donderdag 12 januari in de Lutherse Kerk van 20:40 tot 21:20. De band krijgt steun van Dotans 7 Layers Sessions.

Tweet Share
Geschreven door
Dirk
Dirk

Dirk raakte op Best Kept Secret 2013 verslaafd. Niet aan geestverruimende middelen, maar aan alternatieve muziek! Houdt van boeken en foto's, maar alleen degenen waar hij zelf niet op staat....