MENU
Interview: Clean Pete, over hun debuutplaat en over wereldberoemd worden
12 februari 2014
1458 WOORDEN 4 MINUTEN

Afgelopen maand brachten ze hun prachtige debuutplaat Al zeg ik het zelf uit en nu zijn ze druk bezig met optreden. Clean Pete is goed op weg, zeker met hun nieuwe bandlid Anne Soldaat. Na afloop van het binnenfestival Zomerparkfeest Kampeert Door in Venlo spraken wij Loes, een van de tweelingzussen.

Hoe is het om als zusjes in een bandje te zitten? Hebben jullie altijd al dingen samen gedaan?
Loes: “Nou, we hebben altijd wel al samen gespeeld. Toen ik zeven was begon ik met viool en Renée met cello en we hebben samen in orkestjes gespeeld. Toen we een jaar of veertien/vijftien waren, ontdekte ik de popmuziek en ging ik drummen, Renée speelde dan gitaar en piano. Later ontdekte ik de gitaar en dat vond ik veel gaver, zo is Clean Pete een beetje ontstaan. We hebben altijd al samen gespeeld, dat gaat hartstikke goed. We zijn natuurlijk gewoon zussen en sommige periodes hebben we wel een beetje onenigheid, maar eigenlijk zijn we vrij vredig, haha.”

Op jullie debuutalbum speelt Anne Soldaat (Daryll-Ann, Tim Knol) mee en live ook. Hoe zijn jullie bij hem gekomen?
“Hij had ons zien spelen in de finale van de Grote Prijs van Nederland en hij wilde graag de plaat met ons maken. We kwamen er al snel achter dat we meer wilden dan alleen cello, gitaar en twee stemmen. Met Anne heb je meteen een extra, mooie stem erbij en daar schrijf je de nummers dan ook naar, want je weet dat je iets meer ermee kunt. Bij Zo fijn is bijvoorbeeld ook een instrumentaal stuk met enkel een A-akkoord en dan weet ik dat ik Anne en Renée daarop los kan laten, zij kunnen dat helemaal invullen. Anne heeft op de plaat ook bijvoorbeeld de drums ingespeeld en het was voor ons heel logisch dat hij dat live ook mee zou doen. Natuurlijk hebben we dat wel een keer als officieel besluit genomen met zijn drieën, maar het was eigenlijk een natuurlijk gevolg van de plaat.”

En hoe zit dat met Excelsior Records? Hoe zijn jullie daar terechtgekomen?
“Ferry (Roseboom, baas van Excelsior – red.) had ons blijkbaar al op het oog, ik heb er nooit naar gevraagd hoe dat precies zit. Maar hij vond het dus al interessant en had aan Anne gevraagd of hij wilde kijken of hij er misschien iets mee wilde doen. Uiteindelijk tekenden we dus bij Excelsior en we gingen die plaat met zijn drieën opnemen. Het was wel grappig, want na de Grote Prijs kregen we een mailtje van Excelsior of we al opnames hadden. Op dat moment hebben we meteen een fles wijn opengemaakt, “Ja! We zijn beroemd!”. Dat is natuurlijk niet zo, maar het is wel heel tof dat mensen interesse in je tonen. En zeker als je waardering krijgt van mensen die jij zelf ook tof vindt. Door hen hebben we natuurlijk ook veel meer mogelijkheden gekregen: de plaat uitbrengen, veel tijd, met Anne samenwerken, dat we het op vinyl, op roze vinyl zelfs, mochten uitbrengen, dat is supergaaf.”

Het album hebben jullie opgenomen op Vlieland, hoe ging dat?
“Dat was eigenlijk een beetje een idee van Ferry: ons tien dagen helemaal afsluiten van alles om ons te richten op muziek. Dat is ook wel heel heftig; je zit ineens met zo’n klein clubje op Vlieland. We hadden al veel gedemo’t en gekeken wat we wel en niet gingen gebruiken, maar het grootste deel ontstaat toch tijdens die tien dagen. Natuurlijk zijn er meningsverschillen en dingen, maar het belangrijkste voor ons is dat we tevreden zijn met het eindresultaat. Ik denk dat er geen enkele plaat ontstaat zonder kleerscheuren. Bij sommige nummers dacht ik bijvoorbeeld “nee, dat moet er écht niet op!”, zoals Alles moet kapot. Dat nummer had ik geschreven in een soort recalcitrante bui waarin ik een statement wilde maken, maar iedereen zei ineens “hey, die moet op de plaat”, wat ik niet zo bedoelde. Maar nu ben ik er wel blij mee en het werkt ook. Live hebben we natuurlijk veel melodische nummers en dan is het fijn om te weten dat je dan even lekker los kunt gaan, even die hele sfeer kapot maken. Daar is Anne dan weer heel goed in, zeggen of iets wel of niet op de plaat moet, hij weet wat werkt. Als hij dat over een nummer zegt, denk ik ook gelijk “ach, dan zal het ook wel zo zijn”.”

Wat zijn jullie favoriete nummers van de plaat?
“Voor mij is Sorry als ik stoor een van de sleutelnummers, het gaat heel erg over het hele proces. Dat is denk ik meer iets persoonlijks, want dat heb ik andere mensen er tot nu toe nog niet uit horen halen, het is meer mijn dingetje. Iedereen heeft zo zijn favorieten.
We hebben ook een hidden track, Gevoelens en emoties, na het laatste nummer, dat heel erg buiten de plaat valt – daarom is het ook een hidden track. Tijdens het opnemen daarvan hebben we ook bijna in onze broek geplast van het lachen. Het klinkt super slecht, ik speel super slecht gitaar, maar voor ons gevoel moest dat er echt op. We willen daarmee niet ontkrachten wat we daarvoor hebben gedaan, maar de plaat gaat over best veel lastige dingen. We willen laten horen dat we het ook gewoon leuk hebben.”

Jullie teksten zijn over het algemeen vrij ingewikkeld. Hoe gaat jullie proces van tekstschrijven?
“Ik vind het heel grappig dat je dat zegt, want ik heb zelf altijd het gevoel dat ik heel recht toe recht aan schrijf. Ik vind het grappig dat mensen het zo zien, want zelf vraag ik me altijd af of het er niet allemaal te dik op ligt. Voor anderen is dat blijkbaar absoluut niet zo. Ik probeer zeker niet om ingewikkeld te doen. Teksten komen op heel veel verschillende manieren, van zowel Anne en Renée als van mij. Zelf schrijf ik altijd in flarden en ik heb altijd een heel duidelijk verhaal erbij. Mijn doel is wel om mijn punt duidelijk te maken. Sommige dingen zijn wel cruciaal, het is geen GTST waarbij je op elk moment in kunt komen; je moet wel goed luisteren.”

Je moet inderdaad gefocust luisteren als je precies wil weten waar het over gaat, maar jullie muziek is ook fijn om op de achtergrond op te zetten.
“Ik vind het heel fijn dat je dat zegt. Het moet niet zo’n plaat zijn waarbij het achteraf voelt alsof je een wiskundeles hebt bijgewoond hoor, ik wil mensen niet wijzer maken door ze naar de plaat te laten luisteren. Het gaat ook gewoon om de muziek. Ik heb zelf ook veel albums die ik graag op zet, maar waarvan ik geen idee heb waar het over gaat, dat wilde ik ook graag met dat van ons doen.”

Jullie hebben afgelopen maand jullie eerste album uitgebracht. Hebben jullie concrete plannen voor dit jaar?
“We gaan nu veel spelen door Nederland, zonder een echte rode draad: allemaal verschillende soorten zalen en festivals. Het doel is nu om de plaat te promoten, cd’s te verkopen. In de zomer willen we graag op veel festivals spelen, maar we hebben niet echt een doel, het is gewoon een ontwikkeling. Je kunt wel doelen stellen, Noorderslag had een doel kunnen zijn, maar dan heb je dat gedaan, en dan?
Je went ook best snel, in de zin van dat je je verwachtingen elke keer bijstelt. Zoals Excelsior, ik dacht meteen dat we het gemaakt hadden, maar je moet natuurlijk altijd door: een plaat maken, meer shows spelen.”

Dus er is niet een bepaald festival waar jullie echt naartoe werken?
“Nee, zeker niet. Vorig jaar was mijn doel om in de finale van de Grote Prijs te staan en dat is gelukt, maar we zien nu wel waar het schip strandt. We hoeven niet wereldberoemd te worden, of zo.”

Wereldberoemd, met een Nederlandstalig album…
(grappend) “Ja nou, we hadden al bedacht om wereldmuziek te worden in Amerika. Dus, dat is ons doel, met onze wereldmuziek doorbreken! Nee grapje hoor, ik heb ook niet tegen de boeker gezegd “doe maar Amerika”. Laten we maar beginnen met Nederland.”

En later met Engelstalige teksten naar Amerika!
“Dan moet ik eerst op Engelse les, want mijn uitspraak is echt dramatisch. Engels is leuk hoor, en ik ben zelf een beetje een punkfan – dat hoor je misschien niet direct terug op de plaat.
Het volgende album wordt waarschijnlijk niet Engelstalig, maar ik pin me nergens op vast. We hoeven ook echt niet bekend te staan als “die blonde tweeling die rustige liedjes moet maken”. Ik vind het ook heel leuk om verschillende soorten muziek te spelen en het komt toch zoals het komt.”

Tweet Share
Geschreven door
Vera

Ontvluchtte het verre Limburg voor booming metropool Utrecht. In een vorig of volgend leven succesvol romanschrijfster en muzikante, maar nu vooral studente Nederlands. Schrijft, luistert, leest en gelooft niet...